De statuten van de culturele raad worden goedgekeurd.
In zitting van de gemeenteraad van 12 juni 2025 werd het participatiereglement, afdeling adviesraden, hervastgesteld. In artikel 3 van het reglement wordt bepaald dat de gemeenteraad voor elke adviesraad de statuten vaststelt.
De respectievelijke statuten voor de verschillende adviesraden zoals bedoeld in artikel 2 van voornoemd reglement, werden door de respectievelijke diensten voorbereid, voor de statuten van de culturele raad gebeurde dit in samenspraak met het bestuursorgaan van de culturele raad.
De culturele raad zal door het gemeentebestuur betrokken worden bij de voorbereiding en de uitvoering van het gemeentelijk cultuurbeleid.
Voor de opmaak van de statuten van de culturele raad werd vertrokken vanuit de eerder goedkeurde statuten (cfr. beslissing van de gemeenteraad van 5 juli 2019). Er werden enkele kleinere wijzigingen aangebracht aan deze statuten. Belangrijkste wijziging is het schrappen van de vast commissie voor amateurkunstenverenigingen aangezien deze commissie al langere tijd niet meer actief was en er ook geen vraag is vanuit het veld om deze opnieuw in te richten. Daarnaast werd de agendabepaling voor de vaste commissies ook wat nauwkeuriger uitgewerkt.
De statuten van de culturele raad worden goedgekeurd als volgt:
TITEL 1: VOORWERP EN DOELSTELLINGEN
Artikel 1
De culturele raad wordt erkend als adviesorgaan in uitvoering van artikel 304 van het decreet lokaal bestuur en het gemeentelijk participatiereglement, afdeling adviesraden.
Artikel 2
Het gemeentebestuur zal de culturele raad betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het gemeentelijk cultuurbeleid. Dit houdt in dat het gemeentebestuur de culturele raad om advies zal vragen over de culturele aangelegenheden zoals vermeld in artikel 4, 1° tot en met 10°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen, met uitzondering van punt 7° (jeugdbeleid) en 9° (sport).
Artikel 3
De culturele raad heeft bovendien als opdracht het plaatselijke culturele werk te stimuleren door het tot stand brengen van overleg, coördinatie en samenwerking tussen enerzijds de actoren binnen het vrijetijdsbeleid en anderzijds belangstellende inwoners.
TITEL 2: SAMENSTELLING VAN DE CULTURELE RAAD
Artikel 4
De culturele raad is samengesteld uit stemgerechtigde leden en waarnemers.
HOOFDSTUK 1: STEMGERECHTIGDE LEDEN
AFDELING 1
Artikel 5
Stemgerechtigde leden zijn lid van de algemene vergadering en kunnen:
- vragen en voorstellen indienen bij de voorzitter van de culturele raad over materies binnen het adviesdomein van deze raad. De voorzitter zal deze voorleggen aan het bestuur en een antwoord bezorgen aan de verzoeker.
- agendapunten agenderen op de algemene vergaderingen voor zover ze minstens één maand voor de samenkomst schriftelijk door een lid werden ingediend bij de voorzitter.
- verzoeken om een algemene vergadering te laten plaatsvinden voor zover één tiende van de stemgerechtigde leden daarom schriftelijk verzoekt bij de voorzitter, met een opgave van de te bespreken agenda. De gevraagde samenkomst dient plaats te vinden binnen de maand na het indienen van het verzoek. Buitengewone vergaderingen op verzoek van de leden, kunnen niet worden bijeengeroepen tijdens de maanden juli en augustus.
Artikel 6
§1. Stemgerechtigde leden zijn:
a) één of twee afgevaardigden van elke culturele vereniging en organisatie, zowel private als publieke, die werkt met vrijwilligers of met professionele beroepskrachten en een werking ontplooit op het grondgebied van de gemeente;
b) deskundigen op het vlak van cultuur die het Nederlandstalige culturele leven bevorderen en die in de gemeente wonen;
c) geïnteresseerde burgers/cultuurliefhebbers uit de gemeente die gecoöpteerd worden door de algemene vergadering.
§2. De stemgerechtigde leden kunnen zich niet laten vervangen.
§3. Ten hoogste twee derde van de stemgerechtigde leden mag van hetzelfde geslacht zijn.
§4. Stemgerechtigde leden kunnen geen gemeenteraadslid of lid van het college van burgemeester en schepenen zijn.
Artikel 7
§1. Om een afgevaardigde te kunnen aanwijzen, moeten de culturele verenigingen en organisaties voldoen aan volgende voorwaarden:
a) hun zetel in de gemeente hebben en een actieve culturele werking ontplooien op het grondgebied van de gemeente;
b) activiteiten uitoefenen die behoren tot de culturele materies zoals vermeld onder artikel 2;
c) regelmatig culturele activiteiten inrichten, namelijk jaarlijks minstens 4 culturele activiteiten voor de eigen leden of eigen doelpubliek, of minstens 1 cultureel evenement voor het ruime publiek;
d) geleid worden door een bestuur, waarvan de meerderheid van de leden woonachtig is in de gemeente.
§2. De kandidaat culturele vereniging/organisatie dient een schriftelijke aanvraag tot lidmaatschap in bij het bestuur van de culturele raad door het invullen van het aanvraagformulier voor het lidmaatschap. Het bestuur van de culturele raad onderzoekt de aanvragen tot lidmaatschap van de culturele vereniging/organisatie en beslist binnen de 2 maanden of de vereniging/organisatie en voorgestelde afgevaardigde(n) voldoen aan de gestelde voorwaarden. De betrokken verenigingen/organisaties of personen kunnen beroep aantekenen bij de algemene vergadering tegen de beslissing van het bestuur. De algemene vergadering neemt een eindbeslissing over betwiste gevallen.
§3. De afgevaardigden worden aangeduid door de betrokken culturele vereniging/organisatie. Indien blijkt dat in de samenstelling van de algemene vergadering niet voldaan is aan artikel 6, §3, waarbij er ten hoogste twee derde van de stemgerechtigde leden van hetzelfde geslacht mogen zijn, zullen de verenigingen en organisaties die lid zijn of worden van de adviesraad, verzocht worden om afgevaardigden aan te duiden van een verschillend geslacht of zich te beperken tot één afgevaardigde van het geslacht dat ondervertegenwoordigd is.
Iedere afgevaardigde moet bovendien voldoen aan volgende voorwaarden:
a) actief betrokken zijn bij de werking van de vereniging/organisatie die hen afvaardigt;
b) niet reeds een stemgerechtigd lid zijn in de culturele raad.
Artikel 8
§1. De kandidaat deskundige (zoals bedoeld onder artikel 6, §1, b) dient een schriftelijke aanvraag in bij het bestuur van de culturele raad. Hierbij wordt de deskundigheid op het vlak van het bevorderen van het Nederlandstalig culturele leven beschreven en aangetoond.
Het bestuur van de culturele raad onderzoekt de aanvragen tot lidmaatschap van de kandidaat deskundige en beslist binnen de 2 maanden of de kandidaat voldoet aan de gestelde voorwaarden.
De betrokkene kan beroep aantekenen bij de algemene vergadering tegen de beslissing van het bestuur. De algemene vergadering neemt een eindbeslissing over betwiste gevallen.
Een deskundige kan tegelijkertijd geen stemgerechtigd lid zijn als afgevaardigde van een vereniging of organisatie of gecoöpteerd lid zijn.
§2. De kandidaat voor coöptatie dient een schriftelijke aanvraag in bij het bestuur van de culturele raad door het invullen van het aanvraagformulier voor coöptatie. De coöptatie van het kandidaat-lid gebeurt door de algemene vergadering bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
Een gecoöpteerd lid kan tegelijkertijd geen stemgerechtigd lid zijn als afgevaardigde van een vereniging of organisatie of als deskundige opgenomen zijn.
AFDELING 2: DUUR EN EINDE LIDMAATSCHAP
Artikel 9
Aan het mandaat van stemgerechtigd lid van de algemene vergadering komt een einde door:
a) het vrijwillig ontslag uit de culturele raad;
b) de intrekking van de opdracht door de afvaardigende vereniging/organisatie;
c) de intrekking door het bestuur van de culturele raad van het lidmaatschap, omdat er niet meer voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden;
d) de intrekking door het bestuur van de culturele raad van het lidmaatschap van een stemgerechtigd lid omwille van een niet-gemotiveerde afwezigheid van het lid op twee opeenvolgende vergaderingen van de culturele raad, waarvoor het lid een uitnodiging ontving.
HOOFDSTUK 2: WAARNEMERS
Artikel 10
§1. Waarnemers zijn:
a) de gemeentelijke ambtenaar, aangeduid door het college van burgemeester en schepenen om de vergaderingen van de culturele raad bij te wonen en het secretariaat ervan waar te nemen;
b) de leden van het college van burgemeester en schepenen met bevoegdheden vermeld in artikel 2 van deze statuten;
c) de beleidsmedewerker cluster Vrije Tijd;
§2. De waarnemers hebben geen stemrecht in de organen van de culturele raad.
TITEL 3: STRUCTUUR
Artikel 11
De culturele raad is samengesteld uit een algemene vergadering, een bestuur, commissies en werkgroepen.
HOOFDSTUK 1: DE ALGEMENE VERGADERING
Artikel 12
De algemene vergadering is samengesteld uit alle stemgerechtigde leden en waarnemers.
Tot de bevoegdheid van de algemene vergadering behoren:
a) aanstelling en ontslag van de bestuursleden;
b) de jaarlijkse goedkeuring van rekening en begroting;
c) de jaarlijkse goedkeuring van het verslag van de werkzaamheden van het bestuur, de commissies en werkgroepen;
d) het opstellen en wijzigen van een huishoudelijk reglement ter aanvulling van de statuten en het wijzigen van de statuten, onverminderd artikel 26.
Artikel 13
De algemene vergadering komt ten minste tweemaal per jaar samen. De uitnodiging met agenda wordt ten minste vijf werkdagen voor de bijeenkomst verstuurd naar de stemgerechtigde leden en naar de waarnemers. De agenda wordt samengesteld door het bestuur. Het bestuur kan een algemene vergadering beleggen telkens als het bestuur het nodig acht. Het bestuur kan deskundigen (andere dan bedoeld onder artikel 6, §1, b) uitnodigen op de algemene vergadering.
Artikel 14
De samenkomsten van de algemene vergadering worden voorgezeten door de voorzitter, bij diens afwezigheid door de ondervoorzitter. Over onderwerpen die niet op de agenda voorkomen, kan niet geldig beraadslaagd worden, tenzij mits het akkoord van twee derden van de aanwezige stemgerechtigde leden.
Artikel 15
De algemene vergadering kan geldige besluiten treffen, ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden. De besluiten worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
HOOFDSTUK 2: HET BESTUUR
Artikel 16
Het bestuur is bevoegd om het dagelijks beheer van de culturele raad te voeren.
Het bestuur is bevoegd om adviezen uit te brengen op vraag van het gemeentebestuur of op eigen initiatief. Het bestuur informeert de eerstvolgende algemene vergadering over de uitgebrachte adviezen.
Het bestuur bepaalt de houding van de culturele raad ten overstaan van dringende en actuele problemen. Het is bevoegd over alle aangelegenheden die niet aan de algemene vergadering zijn toevertrouwd.
Het bestuur brengt jaarlijks verslag uit aan de algemene vergadering van de werkzaamheden van het bestuur, de commissies en de werkgroepen.
Artikel 17
§1. Het bestuur is samengesteld uit maximaal 9 leden die verkozen worden uit en door de stemgerechtigde leden van de algemene vergadering, onverminderd artikel 22, §8. Onder de verkozen bestuursleden, kiest het bestuur daarna bij gewone meerderheid de voorzitter en een ondervoorzitter.
§2. Bij de verkiezing van de bestuursleden wordt volgende werkwijze in acht genomen:
- het kandidaat bestuurslid dient zich schriftelijk kandidaat te stellen en daarbij zijn kandidatuur te motiveren ten behoeve van de algemene vergadering;
- de stemming verloopt geheim en schriftelijk;
- het uittredend bestuur organiseert de kiesverrichtingen.
Artikel 18
§1. De vergaderingen van het bestuur worden, zonder stemrecht, bijgewoond door de waarnemers.
§2. Het bestuur kan deskundigen op het vlak van cultuur, zonder stemrecht (andere dan bedoeld onder artikel 6, §1, b), uitnodigen op de bestuursvergaderingen. Deze kan tevens stemgerechtigd lid zijn (zoals bedoeld onder artikel 6, §1, b).
Artikel 19
Het bestuur wordt opnieuw samengesteld in het voorjaar van 2029.
Artikel 20
§1. Het mandaat van bestuurslid vervalt tussentijds bij een niet-gemotiveerde afwezigheid van het lid op twee opeenvolgende bestuursvergaderingen of door vrijwillig ontslag.
§2. Het mandaat van een bestuurslid vervalt eveneens tussentijds als een einde komt aan het lidmaatschap van de algemene vergadering.
§3. Bij het voortijdig wegvallen, om welke reden ook, van een bestuurslid, wordt in de opvolging tot het einde van het betrokken bestuursmandaat voorzien door een tussentijdse verkiezing conform artikel 17, §2.
Artikel 21
§1. Het bestuur wordt samengeroepen zodra de voorzitter dit nodig acht. De agenda wordt samengesteld door de voorzitter.
§2. Over onderwerpen die niet op de agenda voorkomen, kan niet geldig beraadslaagd worden, tenzij akkoord van de helft van de aanwezige bestuursleden. Buitengewone samenkomsten van het bestuur moeten belegd worden, wanneer één vijfde van de bestuursleden daarom schriftelijk verzoekt bij de voorzitter, met opgave van de te bespreken agenda. De gevraagde samenkomst dient plaats te vinden binnen de veertien dagen na het indienen van het verzoek.
Bestuursleden kunnen zich niet laten vervangen.
De samenkomsten van het bestuur zijn niet openbaar.
Het bestuur kan geldige besluiten treffen ongeacht het aantal aanwezige bestuursleden. De besluiten worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
§3. Indien de voorzitter verhinderd of ontslagnemend is, neemt de ondervoorzitter de taken over van de voorzitter.
HOOFDSTUK 3: COMMISSIES EN WERKGROEPEN
AFDELING 1: COMMISSIES
Artikel 22
§1. Naast de algemene vergadering en het bestuur wordt gewerkt met vaste commissies:
- erfgoedcommissie;
- commissie Bib/CC.
§2. De erfgoedcommissie wordt samengesteld uit telkens twee afgevaardigden van de erfgoedverenigingen die als erfgoedvereniging lid zijn van de algemene vergadering, de waarnemers, deskundigen inzake erfgoed die lid zijn van de algemene vergadering en de verkozen bestuursleden van de culturele raad.
§3. De commissie Bib/CC is samengesteld uit afgevaardigden van de gebruikers van de bibliotheek en het cultuurcentrum, de waarnemers en de verkozen bestuursleden van de culturele raad. De afgevaardigden namens de gebruikers worden door de algemene vergadering aangeduid na een open oproep.
§4. De vaste commissies worden samengeroepen zodra de betreffende voorzitter dit nodig acht. De agenda wordt samengesteld door de voorzitter. Agendapunten dienen ten laatste zeven werkdagen voor de bijeenkomst ingediend te worden bij de ambtenaar die het secretariaat waarneemt.
§5. De uitnodiging met agenda wordt ten minste vijf werkdagen voor de bijeenkomst verstuurd naar de commissieleden.
§6. Het bestuur van de culturele raad kan naast de vaste commissies nog andere commissies oprichten en weer ontbinden. Een commissie wordt samengesteld uit bestuursleden, leden van de algemene vergadering, de waarnemers, deskundigen en/of individueel geïnteresseerden, die geen lid zijn van de culturele raad.
§7. De commissies bereiden bepaalde onderwerpen/beleidsitems voor. Alle voorstellen en ontworpen adviezen worden ter goedkeuring voorgelegd aan het bestuur. De commissies brengen verslag uit over hun werkzaamheden aan het bestuur en aan de algemene vergadering.
Een commissie komt op regelmatige basis samen omwille van kennisopbouw en opvolging. Hun werkzaamheden worden geleid door een voorzitter die onder de commissieleden wordt aangeduid. Voor de vaste commissies dient de voorzitter lid te zijn van het bestuur van de culturele raad.
§8. Iedere (vaste) commissie kan (daarnaast) één lid, die geen verkozen bestuurslid van de culturele raad is, afvaardigen naar het bestuur van de culturele raad. Het mandaat neemt een einde als de commissie daartoe beslist.
§9. De vaste commissies worden opnieuw samengesteld in het voorjaar van 2029, gelijktijdig met het bestuur. De eventuele overige commissies worden eveneens opnieuw samengesteld in het voorjaar van 2029, op voorstel van het nieuw samengesteld bestuur.
AFDELING 2: WERKGROEPEN
Artikel 23
Het bestuur kan werkgroepen oprichten. De werkgroepen kunnen belast worden met het organiseren van activiteiten.
Alle voorstellen worden ter goedkeuring voorgelegd aan het bestuur. De werkgroepen brengen verslag uit over hun werkzaamheden aan het bestuur en aan de algemene vergadering.
Een werkgroep heeft een tijdelijk karakter en wordt automatisch ontbonden bij beëindiging van de opdracht.
Een werkgroep kan geleid worden door niet-bestuursleden.
Naast leden van de algemene vergadering en de waarnemers, kunnen ook deskundigen en/of individueel geïnteresseerden, die geen lid zijn van de culturele raad, deel uitmaken van deze werkgroepen.
TITEL 4: TRANSPARANTE WERKING EN BURGERPARTICIPATIE.
Artikel 24
§1. De culturele raad verbindt er zich toe om transparant te werken en het gemeentebestuur, de andere adviesraden en de burger op de hoogte te houden van de interne werking en de beslissingen van de culturele raad.
§2. De samenkomsten van de algemene vergadering zijn openbaar en worden publiek bekend gemaakt. De verslagen zijn raadpleegbaar op de gemeentelijke website.
§3. Het bestuur van de culturele raad verbindt er zich toe om open vergaderingen of andere alternatieve vormen van participatie te organiseren rond specifieke thema’s of projecten en vervolgens burgers en organisaties uit te nodigen die in de thema’s of projecten geïnteresseerd zijn.
§4. Eénieder wordt de mogelijkheid geboden om voorstellen en vragen te richten aan de culturele raad over materies binnen het adviesdomein van deze raad. De voorstellen en vragen worden gericht tot de voorzitter die deze voorlegt aan het bestuur.
TITEL 5: ONDERSTEUNING
Artikel 25
Het gemeentebestuur ondersteunt de culturele raad door:
- een ambtenaar ter beschikking te stellen voor de ondersteuning ervan. Dit houdt minimaal het bijwonen van de vergaderingen van de algemene vergadering en het bestuur in en het opnemen van de secretariaatswerkzaamheden ervan. Een verdergaande inhoudelijke ondersteuning kan gebeuren na beslissing door het college van burgemeester en schepenen na expliciet overleg met de organen;
- het ter beschikking stellen van logistieke ondersteuning door het gemeentebestuur voor de secretariaatswerkzaamheden (kopieën, verzendingen, …).
TITEL 6: SLOTBEPALINGEN
Artikel 26
§1. Iedere wijziging van de statuten tijdens de lopende legislatuur is slechts rechtsgeldig na bekrachtiging door de gemeenteraad. Iedere wijziging zal voorafgegaan worden door een advies van de culturele raad.
De gemeenteraad behoudt het recht om de erkenning van de culturele raad in te trekken. Deze intrekking zal voorafgegaan worden door een advies van de culturele raad.
Na de installatie van een nieuwe gemeenteraad beslist deze over de ontbinding of heroprichting van de culturele raad. De (her)oprichting gebeurt door bekrachtiging of wijziging van deze statuten. Het adviesorgaan wordt daarop opnieuw samengesteld.
De bestaande raad blijft in functie tot aan de ontbinding of totdat het nieuw samengesteld orgaan is geïnstalleerd. Het uittredende bestuur van de culturele raad organiseert de nieuwe samenstelling.
§2. De algemene vergadering van de culturele raad kan in een huishoudelijk reglement de statuten verder aanvullen. De culturele raad legt het huishoudelijk reglement en latere wijzigingen voor aan het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 27
Personeelsleden van publieke culturele organisaties ressorterend onder het gemeentebestuur, hebben in de culturele raad nooit stemrecht over aangelegenheden die betrekking hebben op betreffende eigen organisatie, ook al zouden zij in de culturele raad een private culturele vereniging/organisatie vertegenwoordigen, aanvaard zijn als deskundige of gecoöpteerd lid zijn.
Artikel 28
De statuten van de culturele raad zoals goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 5 juli 2019 worden hierbij opgeheven.