Het subsidiereglement voor de ondersteuning van scholen die buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) organiseren wordt goedgekeurd.
Het Vlaams decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (BOA-decreet) geeft het lokaal bestuur de regierol om samen met alle lokale spelers een geïntegreerd aanbod aan buitenschoolse opvang en activiteiten te ontwikkelen. In dit kader wordt vanaf het schooljaar 2026-2027 het subsidiereglement voor scholen die voor- en naschoolse kinderopvang organiseren vernieuwd, met als uitgangspunt:
Om deze visie in praktijk te brengen, wordt een budget van 200 000 euro per jaar voorzien voor erkende Wevelgemse scholen. Op basis van de huidige leerlingenaantallen resulteert dit in een gemiddeld subsidiebedrag van ongeveer 62,60 euro per leerling. De middelen die ingezet worden binnen de gemeentelijke basisschool worden uit het budget voor onderhavig subsidiereglement gehaald (zie hierna).
Voornoemd bedrag wordt jaarlijks verdeeld volgens het aantal leerlingen onder de scholen die voldoen aan de voorwaarden van het subsidiereglement.
De gemeentelijke basisschool kan geen middelen ontvangen uit deze subsidiepot. De inzet van BOA-middelen voor de buitenschoolse opvang binnen de gemeentelijke basisschool wordt afzonderlijk opgenomen binnen de BBC-rapportering over de aanwending van de BOA-middelen, conform de Vlaamse richtlijnen inzake de uitvoering van het lokaal BOA-beleid.
Er wordt voorgesteld om het voorziene budget jaarlijks te indexeren.
Het ontwerp van subsidiereglement werd besproken op de gemeenteraadscommissie Algemeen Beleid en Ondersteuning van 1 juni 2026.
PB3-AP2: De implementatie van het decreet Buitenschoolse opvang en Activiteiten geeft ons bijkomende verantwoordelijkheden op het vlak van de lokale opvang van 2,5 tot 12 jaar, met een bijzondere focus op peuters en kleuters.
PB3-ACT3: Vanuit een erkenningskader en subsidiereglementen stimuleren we voldoende en kwalitatieve buitenschoolse opvangmogelijkheden.
Keurt het subsidiereglement voor de ondersteuning van scholen die buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) organiseren goed als volgt:
Hoofdstuk 1 – Algemene bepalingen
Artikel 1 Doel
Dit reglement kadert binnen het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten en het door de gemeenteraad goedgekeurde lokaal erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) van de gemeente Wevelgem.
Dit reglement heeft tot doel de scholen die erkend zijn binnen het lokaal erkenningskader van de gemeente Wevelgem te ondersteunen bij de organisatie van buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA).
De subsidie beoogt bij te dragen aan de realisatie van de doelstellingen van het BOA-decreet en de lokale BOA-visie, door het stimuleren van een aanbod dat:
Artikel 2 Toepassingsgebied
Dit reglement is van toepassing op alle scholen voor kleuter- en/of lager onderwijs, niet behorend tot het gemeentelijk onderwijsnet, die:
Artikel 3 Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Hoofdstuk 2 – Subsidievoorwaarden
Artikel 4 Aandacht voor kleuters
De school organiseert buitenschoolse opvang met bijzondere aandacht voor kleuters. Deze aandacht blijkt uit de algemene werking van de opvang en uit het voorzien van aangepaste begeleiding of activiteiten die gericht zijn op het ondersteunen van de ontwikkeling van kleuters.
Artikel 5 Samenwerking en toeleiding
De school zet in op samenwerking met verenigingen en/of aanbieders van naschools aanbod door minstens één van de volgende acties te realiseren:
De school wordt hierbij ondersteund door de gemeentelijke BOA-coördinator, die instaat voor:
De concrete samenwerking gebeurt in overleg tussen de school, de betrokken aanbieders en de BOA coördinator.
Artikel 6 Terbeschikkingstelling van infrastructuur
In het kader van dit subsidiereglement stelt de school haar infrastructuur kosteloos ter beschikking voor extern aanbod in het kader van naschoolse opvang tijdens de buitenschoolse opvang na de schooluren en op woensdagnamiddag. Deze verplichting is niet van toepassing tijdens de schoolvakanties. Van de scholen wordt evenwel verwacht dat zij zich engageren om hun infrastructuur ook tijdens de schoolvakanties ter beschikking te stellen voor dergelijk aanbod.
Artikel 7 Minimum openingsuren
De opvang is minimaal 15 uur per week open, met minstens:
De organisator engageert zich om, waar nodig en mogelijk, ook opvang op woensdagmiddag aan te bieden.
Artikel 8 Begeleiding en personeelsinzet
De school staat in voor een voldoende personeelsbezetting in overeenstemming met het lokaal erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten. De inschatting van de noodzakelijke personeelsinzet behoort tot de verantwoordelijkheid van de school.
Hoofdstuk 3 – Financiële bepalingen
Artikel 9 Subsidieplafond
Een bedrag van 160 000 euro wordt verdeeld over de erkende scholen.
Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd en voor het eerst in 2027 (met betrekking tot de uitbetaling voor het subsidiejaar lopende van 1 september 2027 tot en met 30 juni 2028), op basis van de gezondheidsindex van de maand juni voorafgaand aan het subsidiejaar en de gezondheidsindex van de maand juni 2026. Het geïndexeerde bedrag wordt afgerond naar de hogere euro.
Artikel 10 – Verdeelmodel
1. Elke school die voldoet aan de voorwaarden van dit reglement ontvangt een subsidie bestaande uit:
2. Het jaarlijks vastgestelde subsidieplafond zoals bepaald in artikel 9 wordt volledig verdeeld onder de erkende scholen. Na aftrek van de basissubsidies wordt het resterende bedrag pro rata verdeeld in verhouding tot het gemiddeld aantal leerlingen per school.
3. De leerlingenaantallen worden vastgesteld op basis van twee officiële telmomenten, gespreid over het schooljaar dat voorafgaat aan het subsidiejaar, met name op 1 oktober en 1 februari. Het gemiddelde van beide telmomenten geldt als basis voor de berekening van de subsidie. De leerlingenaantallen worden vastgesteld aan de hand van de officieel geregistreerde schoolgegevens.
4. De verwerking van leerlingengegevens gebeurt conform de geldende regelgeving inzake gegevensbescherming (GDPR) en uitsluitend voor subsidiedoeleinden.
Artikel 11 Maximumtarief
Scholen die een subsidie ontvangen op grond van dit reglement verbinden zich ertoe een maximumtarief voor buitenschoolse opvang toe te passen. Dit maximumtarief wordt vastgesteld door het college van burgemeester en schepenen, na overleg met de betrokken scholen.
Artikel 12 Sociaal tarief
Elke school kan in afspraak met de gemeente, nadere afspraken maken met betrekking tot de toepassing van een sociaal tarief, rekening houdend met de financiële draagkracht van gezinnen.
Hoofdstuk 4 – Subsidieaanvraag, verantwoording en controle
Artikel 13 Subsidieaanvraag en uitbetaling
Scholen die in aanmerking wensen te komen voor een subsidie dienen jaarlijks hun aanvraag in bij de gemeente via het daartoe voorziene formulier en dit voor 30 oktober van het schooljaar waarvoor subsidies verkregen worden.
De uitbetaling van de subsidie gebeurt voor 31 december binnen het betreffende subsidiejaar.
Artikel 14 Verantwoording van de subsidie
De subsidieontvanger dient jaarlijks volgende elementen in ter verantwoording van de toegekende subsidie en dit voor 30 september volgend op het subsidiejaar:
Artikel 15 Controle
De gemeente kan alle noodzakelijke controles uitvoeren en alle nuttige inlichtingen of stukken opvragen om de correcte toepassing van dit reglement na te gaan.
Artikel 16 Sancties
Wanneer wordt vastgesteld dat de bepalingen van dit reglement niet worden nageleefd, kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om de subsidie geheel of gedeeltelijk te weigeren, te verminderen of terug te vorderen. Aanpassingen van het subsidiebedrag in toepassing van onderhavig artikel na verdeling cfr. artikel 10 geven geen aanleiding tot een aangepaste herverdeling voor de subsidieontvangers.
Hoofdstuk 5 – Slotbepalingen
Artikel 17 Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 september 2026 en is van toepassing vanaf het schooljaar 2026-2027.
Het gemeentelijk reglement op de subsidiëring van scholen die voor- en naschoolse kinderopvang organiseren, vastgesteld door de gemeenteraad op 14 januari 2011, wordt opgeheven met ingang van 1 september 2026 of na de uitbetaling van een bedrag van 61 400 euro te verdelen over de in aanmerking komende scholen (gebruikelijke subsidie verhoogd met een boostsubsidie) op basis van dit reglement.