Terug
Gepubliceerd op 11/07/2026

Besluit  gemeenteraad

do 02/07/2026 - 19:00

Subsidiereglement mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking

Aanwezig: Michaël Picquart, voorzitter gemeenteraad
Luc Defraye, Jan Seynhaeve, Hendrik Vanhaverbeke, Mathieu Desmet, Geert Breughe, Lobke Maes, Stijn Tant, Marie De Clerck, Hendrik Libeer, Kevin Defieuw, Filip Daem, Sofie Mol, Bas Surmont, Heidi Craeynest, Charlotte Bonte, Elyn Stragier, Vicky Claeys, Jelle Stragier, Inge Goemaere, Jessica Corty, Liese Vandoorne, Yves Goddeeris, Luc Vanderhaeghe, Viktor Maes, Eva Parmentier, Dennis Bels, Ayrton Buyse, Stefaan Leon, Virginie Vermeersch, Nico Dupont, gemeenteraadsleden
Kurt Parmentier, algemeen directeur

Het subsidiereglement voor verenigingen die inzetten op mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking wordt hervastgesteld.

Feiten, context en argumentatie

De gemeenteraad keurde op 13 december 2019 het subsidiereglement mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking goed. In dit reglement werden de bepalingen opgenomen voor de toekenning van subsidies aan mondiale verenigingen. 

In de beleidsnota van het meerjarenplan 2026-2031 engageert de gemeente Wevelgem zich om verder in te zetten op de structurele ondersteuning van de mondiale verenigingen (PB2-ACT28: We ondersteunen acties van lokale verenigingen die zich engageren op het vlak van mondiaal beleid en mondiaal burgerschap).

Tegen de achtergrond van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties, legt het lokaal mondiaal beleid van Wevelgem de focus op mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking in het streven naar internationale rechtvaardigheid. De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties vormen een kader voor het inzetten op globale uitdagingen. De structurele ondersteuning van verenigingen en projecten die het draagvlak voor mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking helpen vergroten of bijdragen tot structurele verandering, blijft een belangrijk punt in het meerjarenplan 2026-2031. Het eerder goedgekeurde subsidiereglement mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking blijft als kader bestaan, maar werd op enkele punten bijgewerkt in tekst en formulering. De bedragen werden geïndexeerd en waar mogelijk werd afgestemd op de andere subsidiereglementen binnen de cluster Vrije Tijd. 

De belangrijkste wijziging betreft de beoordeling van de zuidsubsidie. De mogelijke percentages aan zuidsubsidie liggen in het huidige reglement te dicht op elkaar: 0%, 70%, dan 80%, 90% of 100% van het maximale subsidiebedrag. In het ontwerp van nieuw reglement is het verschil groter, nl. 0%, 50%, 75% of 100%.

De mondiale raad verleende advies op 1 juni 2026.

Meerjarenplan en budget

PB2-ACT28: We ondersteunen acties van lokale verenigingen die zich engageren op het vlak van mondiaal beleid en mondiaal burgerschap.


De uitgave wordt aangerekend op rekening PB2-ACT28/0160-00/649715 van het exploitatiekrediet. 

Vorige beslissingen
  • Beslissing van de gemeenteraad van 13 december 2019: subsidiereglement mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking. 
Hogere regelgeving
  • Decreet lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 41, 2de lid, 23°.
Publieke stemming
Aanwezig: Michaël Picquart, Luc Defraye, Jan Seynhaeve, Hendrik Vanhaverbeke, Mathieu Desmet, Geert Breughe, Lobke Maes, Stijn Tant, Marie De Clerck, Hendrik Libeer, Kevin Defieuw, Filip Daem, Sofie Mol, Bas Surmont, Heidi Craeynest, Charlotte Bonte, Elyn Stragier, Vicky Claeys, Jelle Stragier, Inge Goemaere, Jessica Corty, Liese Vandoorne, Yves Goddeeris, Luc Vanderhaeghe, Viktor Maes, Eva Parmentier, Dennis Bels, Ayrton Buyse, Stefaan Leon, Virginie Vermeersch, Nico Dupont, Kurt Parmentier
Voorstanders: Luc Defraye, Jan Seynhaeve, Mathieu Desmet, Geert Breughe, Lobke Maes, Stijn Tant, Marie De Clerck, Hendrik Libeer, Kevin Defieuw, Sofie Mol, Bas Surmont, Charlotte Bonte, Elyn Stragier, Vicky Claeys, Jelle Stragier, Inge Goemaere, Jessica Corty, Liese Vandoorne, Yves Goddeeris, Viktor Maes, Michaël Picquart, Eva Parmentier
Tegenstanders: Hendrik Vanhaverbeke, Filip Daem, Heidi Craeynest, Luc Vanderhaeghe, Dennis Bels, Ayrton Buyse, Stefaan Leon, Virginie Vermeersch, Nico Dupont
Resultaat: Met 22 stemmen voor, 9 stemmen tegen
Beslissing

Het subsidiereglement voor verenigingen die inzetten op mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking wordt hervastgesteld als volgt:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1 Verklaring van begrippen

§1. Mondiaal burgerschap
Kennis, houding en gedrag dat past bij een gezamenlijke verantwoordelijkheid om zowel hier als elders in de wereld veranderingen door te voeren die bijdragen aan internationale rechtvaardigheid.

§2. Mondiale samenwerking
Vorm van internationale samenwerking die tot doel heeft als partners bij te dragen aan meer internationale rechtvaardigheid.

§3. De vier pijlers van de mondiale samenwerking

  • 1ste pijler: samenwerking die uitgaat van de overheid, ook gevat onder de term ‘officiële’ of ‘bilaterale’ samenwerking. Ook de gemeenschappen, provincies en gemeenten vallen hier onder.
  • 2de pijler: multilaterale samenwerking die uitgaat van internationale instellingen zoals de Europese Unie of de Verenigde Naties
  • 3de pijler: traditionele en door de overheid erkende niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) en de universiteiten
  • 4de pijler: alles wat niet bij de eerste 3 pijlers hoort valt onder de 4de pijler, waaronder de institutionele 4de pijler (uitgaande van een institutionele structuur als scholen, ziekenhuizen, vakbonden, religieuze instellingen, bedrijven,…) en de particuliere 4de pijler (vriendengroepen, vzw’s).

§4. De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen

De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDGs - Sustainable Development Goals) zijn door de Verenigde Naties vastgesteld als de nieuwe mondiale duurzame ontwikkelingsagenda voor 2030. Ze worden gepromoot als de wereldwijde doelstellingen voor duurzame ontwikkeling. Ze vormen een ankerpunt om beleid te voeren op alle niveaus. Via het subsidiereglement voor mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking vraagt de gemeente aan verenigingen en organisaties om deze doelstellingen te onderschrijven en via actie(s) concreet vorm te geven.

§5. Het Globale Zuiden

Term die wordt gebruikt om landen te beschrijven die over het algemeen een lager inkomen en minder ontwikkelde economieën hebben in vergelijking met landen in het Globale Noorden.

Artikel 2 De subsidiekanalen

§1. De gemeente Wevelgem ondersteunt, onder bepaalde voorwaarden, projecten en verenigingen in het kader van haar lokaal mondiaal beleid. Hiervoor worden ramingen opgenomen in het meerjarenplan, die terug te vinden zijn in de documentatie bij het meerjarenplan. Met het oog op internationale rechtvaardigheid beoogt dit subsidiereglement initiatieven te ondersteunen die bijdragen aan mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking in het kader van de realisatie van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties. De financiële ondersteuning vanuit de gemeente gebeurt via 4 verschillende subsidiekanalen.

§2. Organisaties die voor hun werking door de gemeente gesubsidieerd worden op basis van een convenant, nominatieve subsidie, subsidie jeugd, sport, socio-culturele vereniging of amateurkunsten, kunnen geen aanspraak maken op de subsidiekanalen uit dit subsidiereglement.

Hoofdstuk 2. Noordsubsidie

De noordsubsidie wordt opgesplitst in:

  • een basissubsidie voor Wevelgemse verenigingen of organisaties (hierna verenigingen) opgericht met als hoofddoel een werking uit te bouwen rond mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking
  • een projectsubsidie voor elke Wevelgemse initiatiefnemer die een project of activiteit ontwikkelt voor de Wevelgemse bevolking met het doel mondiaal burgerschap of mondiale solidariteit te stimuleren.

Artikel 3 Basissubsidie noordsubsidie
§1 De basissubsidie is een vaste jaarlijkse tegemoetkoming voor werkingskosten van verenigingen opgericht met als hoofddoel een werking uit te bouwen rond mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking

  • De basissubsidie is bedoeld als erkenning en ter ondersteuning van de werking en helpt mee de continuïteit van de werking van deze verenigingen te verzekeren.
  • De basissubsidie wordt toegekend per werkjaar. Een werkjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
  • De basissubsidie bedraagt 500 euro, en is jaarlijks te indexeren volgens de consumptieprijsindex.

§2 Voorwaarden noordsubsidie

  • De vereniging heeft minstens één jaar werking achter de rug;
  • De hoofddoelstelling van de vereniging is het werken rond mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking;
  • De zetel of het secretariaatsadres van de vereniging is in Wevelgem gelegen;
  • De vereniging telt minstens twee bestuursleden die gedomicilieerd zijn in de gemeente Wevelgem;
  • De vereniging is geen (onderdeel van een andere) plaatselijke vereniging die al reguliere subsidies ontvangt via een ander gemeentelijk reglement;
  • De vereniging organiseerde in het afgelopen werkjaar, minstens 1 activiteit rond het mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking in de gemeente. Als activiteit komen bijvoorbeeld in aanmerking: voordrachten en debatten, tentoonstellingen, theater, quiz, filmvoorstelling, een muziekoptreden (indien dit kadert in een ruimer opgezette activiteit), vorming van eigen leden, thema gebonden activiteiten, publicatie, feesten in het kader van mondiale samenwerking of mondiaal burgerschap;
  • De vereniging onderschrijft de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties.

§3 Aanvraagprocedure en uitbetaling basissubsidie noordsubsidies
· Verenigingen moeten jaarlijks een aanvraag tot subsidie invullen. Het document is beschikbaar op de website van de gemeente en moet volledig ingevuld terugbezorgd worden aan het gemeentebestuur telkens voor 1 april van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. Voor 2026 dient de aanvraag uiterlijk op 15 september 2026 ingediend te worden.
· De betaling van de subsidie aan feitelijke verenigingen zal steeds gebeuren op een financiële rekening op naam van de vereniging.

Artikel 4 Projectsubsidie voor activiteiten rond mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking

§1. Basisvoorwaarden
· Een organisatie, vereniging, school of inwoner (hierna initiatiefnemer) van Wevelgem, kan mits voldaan wordt aan de bepalingen van het reglement, in aanmerking komen voor een subsidie om mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking te stimuleren. De subsidie wordt toegekend voor de organisatie van een activiteit, evenement, manifestatie, project, … hierna project genoemd.
· Het project is van educatieve of sensibiliserende aard, of fondsenwervend indien de opbrengst bedoeld is voor een project van mondiale samenwerking.
· Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de subsidie voor de organisatorische aspecten en de subsidie voor de inhoudelijke aspecten. Het is mogelijk om in aanmerking te komen voor een subsidie voor beide aspecten, maar ook voor de aspecten apart.
· Er is één aanvraagformulier waarop zowel de subsidie voor organisatorische aspecten als de subsidie voor de inhoudelijke aspecten worden aangevraagd.

§2. Projectsubsidie voor de organisatorische aspecten van het project
Deze subsidie komt tegemoet aan de kosten gemaakt voor logistiek van de gemeente, logistiek door derden, auteursrechten en verzekeringen.
Bij aanvraag subsidie voor de organisatorische aspecten is er een keuzemogelijkheid voor de initiatiefnemer:

  • De initiatiefnemer opteert voor een forfaitaire subsidie van 250 euro
  • De initiatiefnemer opteert voor een forfaitaire subsidie van 150 euro + terugbetaling kosten tot een maximum van 450 euro. De maximale subsidie bedraagt dan 150 euro + 450 euro of 600 euro. De in te brengen kosten zijn gelimiteerd tot auteursrechten, verzekeringen, drukwerk en promotie, logistiek gemeente en logistiek door derden en zijn te bewijzen met facturen.

§3. Projectsubsidie voor de inhoudelijke aspecten van het project
Deze subsidie komt tegemoet aan de kosten gemaakt voor het aantrekken van expertise door derden, die bijdragen aan de inhoudelijke vormgeving in het kader van mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking. Bv. een spreker, een workshop, een film, animatie, gelinkt aan mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking. Tegemoetkoming voor de kosten die gemaakt worden om het initiatief te voorzien van expertise van derden die inhoud geeft aan het mondiaal burgerschap of mondiale samenwerking. Ook tickets voor een evenement op verplaatsing als een tentoonstelling of een museum met een duidelijke link naar mondiaal burgerschap of mondiale solidariteit komen in aanmerking voor inhoudelijke aspecten van de projectsubsidie.
· Deze subsidie bedraagt 75% van de kosten met een maximum van 600 euro.
· De facturen worden als bewijsstukken bij het evaluatieverslag gevoegd.

§4. Aanvraagprocedure:
· De aanvraag wordt aan het gemeentebestuur bezorgd ten minste 4 weken vóór de uitvoering van het project.
· De aanvraag wordt ingediend via het daartoe bestemde aanvraagformulier.

§5. Ontvankelijkheidsvoorwaarden
· Het project dient plaats te vinden in de gemeente Wevelgem of richt zich specifiek op de Wevelgemse bevolking.
· Het project moet zich richten tot inwoners uit de gemeente (eventueel ruimer) en een openbaar karakter hebben: toegankelijk zijn voor alle Wevelgemse inwoners, of de eigen specifieke doelgroep.
· Het project is beperkt in tijd. Voor eenzelfde project kan slechts één aanvraag ingediend worden, ook al loopt het project over verschillende kalenderjaren.
· Het project vertoont minstens één link met de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties.
· Op alle promotiematerialen en mededelingen, naar aanleiding van het georganiseerde project, dient de ondersteuning van de gemeente Wevelgem vermeld te worden door middel van het logo dat van de website van gemeente Wevelgem kan gedownload worden.
· De organisatie gebruikt minimum 1 product met fairtradelabel en dit wordt aan het bereikte publiek gecommuniceerd. Een infoposter kan via de website gedownload worden.
· De initiatiefnemer vraagt geen andere financiële ondersteuning van de gemeente aan voor hetzelfde project of heeft geen andere financiële ondersteuning ontvangen van de gemeente voor hetzelfde project.

§6. Beoordeling van de aanvraag en uitbetaling van de subsidie:
· Voor de subsidie waarbij de initiatiefnemer opteert voor een forfaitaire subsidie van 250 euro, zoals bedoeld onder artikel 4, §2, bezorgt de aanvrager het evaluatieformulier uiterlijk 2 maanden na de uitvoering van het project, aangevuld met een verklaring op eer van het verbruik van minimum 1 product met fairtradelabel en dat dit duidelijk aan het publiek gecommuniceerd werd.
· Voor de subsidie waarbij de initiatiefnemer opteert voor een forfaitaire subsidie en terugbetaling van kosten, onder artikel 4, §2, en/of de subsidie voor de inhoudelijke aspecten van het project, zoals bedoeld onder artikel 4, §3, bezorgt de aanvrager uiterlijk 2 maanden na de uitvoering van het project het volledig ingevulde evaluatieformulier aan het gemeentebestuur, aangevuld met:

  • Facturen van de kosten die voor subsidiëring in aanmerking komen;
  • Een verklaring op eer van het verbruik van minimum 1 product met fairtradelabel en dat dit duidelijk aan het publiek gecommuniceerd werd.


Hoofdstuk 3. Zuidsubsidie
Onder bepaalde voorwaarden kan een zuidsubsidie verkregen worden. De zuidsubsidie komt tegemoet aan elk project of bundeling van projecten van een 3de of 4de pijlerinitiatief dat plaatsvindt in een land vermeld op de DAC-lijst van de OESO en dat met een concrete actie de plaatselijke bevolking ondersteunt om de levenssituatie te verbeteren. De zuidsubsidie wordt toegekend per werkjaar. Een werkjaar loopt van 1 januari tot 31 december. Er zijn drie vormen van zuidsubsidie:
· Zuidsubsidie 3de pijler; 
· Gewone zuidsubsidie 4de pijler; 
· Bijzondere zuidsubsidie 4de pijler.

Artikel 5 Zuidsubsidie 3de pijler
Onder bepaalde voorwaarden kunnen ngo’s die onder de 3de pijler een werking hebben, rechtstreeks een zuidsubsidie bij de gemeente Wevelgem krijgen.

§1. Voorwaarden zuidsubsidie 3de pijler
· De ngo heeft in Wevelgem een actieve werking rond mondiale thema’s in het kader van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties;
· De ngo is lid van 11.11.11 of kan op een andere manier zijn gecontroleerde werking bewijzen;
· De ngo heeft een actieve lokale werkgroep in Wevelgem.

§2. Aanvraagprocedure
· Aanvragen kunnen per ngo één keer per jaar ingediend worden;
· De aanvraag gebeurt door de verantwoordelijke van de lokale werkgroep van de ngo;
· De aanvraag wordt ingediend via het daartoe bestemde aanvraagformulier, met toevoeging van (de link naar) het jaarverslag.

§3. Beoordeling van de aanvraag en uitbetaling van de subsidie
· De ngo bezorgt het gemeentebestuur een jaarverslag;
· De uitbetaling gebeurt niet aan de lokale werkgroep maar rechtstreeks aan de ngo;
· De zuidsubsidie voor de 3de pijler bedraagt 300 euro.

Artikel 6 Zuidsubsidie 4de pijler 
Voor de zuidsubsidie 4de pijler kunnen volgende maximumbedragen worden toegekend:

· Voor een gewone zuidsubsidie 4de pijler: maximaal 2 500 euro; 
· Voor een bijzondere zuidsubsidie 4de pijler: maximaal 5 000 euro.

§1. Voorwaarden
· Gewone zuidsubsidie 4de pijler: De indiener of gemandateerde is een inwoner van de gemeente Wevelgem en staat ingeschreven in de bevolkingsregisters van de gemeente.
· Bijzondere zuidsubsidie 4depijler: De indiener of gemandateerde verblijft tijdens de uitvoering van het project in het land vermeld op de DAC-lijst van de OESO en voldoet aan één van volgende voorwaarden:

  • De indiener of gemandateerde staat in het bevolkingsregister van de gemeente Wevelgem geregistreerd als ‘tijdelijk afwezig’ tijdens zijn/haar verblijf in het buitenland;
  • De indiener of gemandateerde was tot op het moment van vertrek in het buitenland langdurig (minstens 5 jaar) ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Wevelgem.


- Het project draagt op een structurele manier bij tot de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties;
- De projecten dienen een antwoord te geven op lokaal vastgestelde basisbehoeften met daarbij duidelijke inspraak van de betrokken doelgroep en is gericht op empowerment;
- Het eigenaarschap van een project ligt altijd bij een organisatie. Individuen kunnen geen eigenaar zijn van zaken gesubsidieerd door de gemeente;
- De projecten die subsidie vragen voor de bedeling van voedsel, drinkbaar water of medicatie kunnen niet voor zuidsubsidie in aanmerking komen;
- Transportkosten ter plaatse komen in aanmerking voor subsidie voor maximaal 10% van het gevraagde bedrag;
- Loonkosten komen in aanmerking voor subsidie voor maximaal 10% van het gevraagde bedrag en voor zover ze niet structureel zijn;
- Kleinschalige infrastructuurwerken kunnen gefinancierd worden, op voorwaarde dat ze geen doel op zich zijn, maar een essentieel instrument vormen om het ontwikkelingsproject op gang te brengen of te bestendigen;
- De projecten moeten een duidelijke financiële en/of logistieke verankering met de lokale bevolking aantonen;
- De begunstigde moet verantwoording afleggen over de aanwending van de subsidie;
- De toegekende subsidie mag niet afgeleid worden naar een ander onderdeel van het project dat niet vermeld werd in het oorspronkelijk ingediende dossier, tenzij dit gemotiveerd en goedgekeurd wordt;
- Er kan per jaar slechts één aanvraagdossier per begunstigde, zijnde de uitvoerder van het project die de subsidie zal aanwenden, ingediend worden. Voor een begunstigde waarvoor eerder al een aanvraag voor een zuidsubsidie werd gedaan, kan slechts een nieuwe aanvraag ingediend worden op voorwaarde dat alle bewijsstukken van het eerder ingediende dossier bezorgd werden;
- Het dossier wordt geïllustreerd met een kort verslag, 5 foto’s en/of videomateriaal dat eigendom wordt van de gemeente om te gebruiken in haar communicatie over het lokaal mondiaal beleid.

§2. Aanvraagprocedure
· Aanvragen kunnen ingediend worden tot en met 30 september van het werkjaar.
· De aanvraag wordt ingediend via het daartoe bestemde aanvraagformulier.
· Dit dossier wordt volledig in het Nederlands opgesteld.
· De financiële aspecten worden uitgedrukt in euro.

§3. Beoordeling van de aanvraag en uitbetaling van de subsidie

  • De aanvragen gebeuren via een webformulier. Op het webformulier staat duidelijk omschreven wat er met de verschillende criteria wordt bedoeld.
  • De ingediende projecten worden beoordeeld volgens de beschreven criteria en volgens een puntensysteem:
    • inhoudelijke criteria 
    • methodologische criteria 
    • financiële criteria 
    • de draagkracht van de 4de pijler.

Er wordt een score op 50 punten toegekend.

  • De toekenning van het bedrag gebeurt als volgt:
    • Een score van 41 tot 50 punten geeft recht op 100% van het maximale bedrag
    • Een score van 31-40 punten geeft recht op 75% van het maximale bedrag
    • Een score van 21-30 punten geeft recht 50% van het maximale bedrag
    • Een score van 20 punten of minder geeft geen recht op subsidie.
  • De ingediende projecten worden beoordeeld door een commissie projectensteun waarvan de leden geen linken hebben met deze projecten. De commissie komt één keer per jaar samen in de maand oktober om de dossiers te beoordelen op basis van voornoemd puntensysteem. In uitzonderlijke gevallen en mits motivatie, kan van het tijdstip worden afgeweken en wordt de commissie met spoed bijeengeroepen om een subsidieaanvraag te behandelen.
  • De commissie bestaat uit:
    • 3 tot 5 stemgerechtigde leden:
      • personen uit de mondiale raad die op dat moment geen project hebben ingediend en die geen belang hebben bij de dossiers
      • externe deskundigen die door professionele of empirische expertise de dossiers van 4de pijlerprojecten kunnen beoordelen
    • 2 niet-stemgerechtigde leden
      - De schepen van lokaal mondiaal beleid of een door hem/haar aangeduide vervanger
      - De ambtenaar lokaal mondiaal beleid die het verslag opmaakt of een door hem/haar aangeduide vervanger.
    De commissie bezorgt aan de aanvragers van de subsidie een verslag met feedback.
    De commissie geeft een gemotiveerd advies ter goedkeuring aan de mondiale raad. Het college van burgemeester en schepenen neemt de uiteindelijke beslissing.

  • Na uitvoering van het project bezorgt de aanvrager de nodige bewijsstukken van de besteding van de ontvangen middelen aan het gemeentebestuur.
  • Alle positief beoordeelde aanvragen worden ten laatste op 1 maart van het jaar volgend op de aanvraag uitbetaald.
  • De betaling van de subsidie gebeurt op een financiële rekening op naam van de indiener of gemandateerde of begunstigde (feitelijke vereniging, vzw of particulier).

 

Hoofdstuk 4. Subsidie voor inleefreizen

Artikel 7
Gemeente Wevelgem voorziet een subsidie om burgers aan te moedigen naar een land vermeld op de DAC-lijst van de OESO te trekken voor een inleefreis in het kader van mondiale samenwerking. Per aanvraag wordt 600 euro toegekend indien het een inleefreis betreft die op eigen initiatief wordt ondernomen, en 300 euro indien de reis kadert in een schoolstage.

Artikel 8 Voorwaarden
· Het motief van de inleefreis heeft betrekking op mondiale samenwerking;
· De aanvrager werkt minimum 3 weken onbezoldigd bij een project van een erkende ngo, een 4de pijlerproject, een sociale instelling, of een project van plaatselijk maatschappelijk niet-commercieel belang, die een werking heeft in het kader van het vervullen van de Duurzame Ontwikkelingsdoestellingen van de Verenigde Naties;
· Iedereen vanaf de leeftijd van 16 jaar die in een onderwijsinstelling is ingeschreven, maakt aanspraak op een subsidie van 300 euro in het kader van een schoolstage. Enkel personen tussen 16 en 30 jaar, die nog nooit gesubsidieerd werden voor een inleefreis naar een ontwikkelingsland, komen in aanmerking voor een subsidie van 600 euro;
· De aanvrager moet ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters van de gemeente Wevelgem;
· Het betreft een reis in een land van de DAC-lijst van de OESO;
· De aanvrager is bereid ervaringen terug te koppelen naar het gemeentebestuur of de gemeentelijke adviesraden;
· Er kan slechts één aanvraag per persoon gebeuren.

Artikel 9 Aanvraagprocedure
· De aanvraag wordt ingediend minstens 4 weken voor de aanvang van de reis;
· De aanvraag moet gebeuren met het daartoe ontworpen aanvraagformulier;
· Alle teksten die ingediend worden, zijn in de Nederlandse taal geschreven.

Artikel 10 Beoordeling van de aanvraag en uitbetaling van de subsidie
· Na advies door de ambtenaar lokaal mondiaal beleid wordt de aanvraag definitief beoordeeld door het college van burgemeester en schepenen.
· De aanvrager communiceert tijdens de inleefreis minimaal wekelijks over het project via sociale media.
· Indien niet aan de voorwaarden werd voldaan, dient de aanvrager het bedrag van de subsidie terug te storten aan het gemeentebestuur Wevelgem. 
· De uitbetaling van de subsidie wordt uitbetaald op een financiële rekening op naam van deze persoon.

Hoofdstuk 5. Humanitaire noodhulp en noodhulp bij heropbouw
Hoewel het lokaal mondiaal beleid zich toespitst op mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking van structurele aard, kan in bepaalde situaties een subsidie gevraagd worden voor noodsituaties. Het kan gaan om humanitaire noodhulp of noodhulp bij heropbouw.

Artikel 11 Omschrijving

§1. Humanitaire noodhulp
Humanitaire noodhulp voldoet aan basisbehoeften van groepen die geconfronteerd worden met niet te voorziene rampen van natuurlijke of menselijke oorsprong en/of met de verergering van structurele problemen verbonden aan oorlogen, hongersnood, vluchtelingenstromen of epidemieën. De subsidie komt tegemoet aan de hulp die voorziet in onderdak aan ontheemden, voedsel, drinkbaar water en basisgezondheidszorg.

§2. Noodhulp bij heropbouw
De door Wevelgem gesteunde 4de pijlerinitiatieven kunnen noodhulp bij heropbouw vragen wanneer hun infrastructuur door een ramp van natuurlijke of menselijk aard wordt getroffen. Met deze hulp kunnen herstellingen aan de infrastructuur snel aangevat worden.

Artikel 12 Aanvraagprocedure

§1. Aanvraag humanitaire noodhulp
Humanitaire noodhulp kan worden aangevraagd door:
· nationale en internationale organisaties met expertise ter zake die een oproep lanceren via de media;
· een Wevelgemse burger die via de 4de pijler banden heeft met de getroffen bevolking.

§2. Aanvraag noodhulp bij heropbouw
Noodhulp bij heropbouw kan worden aangevraagd door 4de pijler initiatieven die gedurende de 6 voorafgaande jaren van de gemeente Wevelgem een zuidsubsidie hebben ontvangen en die door een ramp in hun infrastructuur getroffen zijn.

Artikel 13 Beoordeling van de vraag en uitbetaling
· Bij acute situaties door rampen van natuurlijke of menselijke oorsprong kan het college van burgemeester en schepenen beslissen een eenmalige toelage van 1 200 euro te verlenen voor humanitaire noodhulp of noodhulp bij heropbouw.
· Noodhulp is in principe eenmalig, tijdelijk en acuut en vormt geen bedreiging voor de plaatselijke economie. Hulporganisaties die actief zijn bij noodsituaties van langere duur, kunnen één keer per jaar steun aanvragen voor dezelfde noodsituatie.
· Na een gunstige beslissing wordt de subsidie door de financiële dienst uitbetaald aan de aanvrager die deze onmiddellijk voor de gevraagde hulp aanwendt.
· De betaling van de subsidie gebeurt op een financiële rekening op naam van de aanvrager (feitelijke vereniging, vzw of particulier).

Hoofdstuk 6. Algemene bepalingen

Artikel 14
Wanneer de subsidieaanvragen niet tijdig worden ingediend overeenkomstig de bepalingen van dit subsidiereglement, kan de subsidie worden verminderd. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt over het bedrag van de vermindering. Het geven van onjuiste of onvolledige informatie kan leiden tot de terugvordering van een deel van of de volledige subsidie.

Hoofdstuk 7. Inwerkingtreding overgangsbepaling

Artikel 15
§1. Deze beslissing treedt in werking op 6 juli 2026 en heft het subsidiereglement mondiaal burgerschap en mondiale samenwerking zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 13 december 2019 op (behalve voor de aanvragen onder §3.). 

§2. Dit reglement is van toepassing op alle aanvragen voor zuidsubsidies die ingediend worden in 2026 en voor alle andere aanvragen die ingediend worden vanaf 1 juli 2026.

§3. Aanvragen die eerder werden ingediend dan deze onder §2. worden afgehandeld volgens de bepalingen van het subsidiereglement van 13 december 2019.